Coalitieonderhandelaars moeten overstappen voor reizigers aantrekkelijker maken

30 maart 2017

Een meerderheid van de Nederlandse automobilisten (51 procent) ziet op dit moment geen alternatief voor de auto. Van alle reizigers samen, inclusief automobilisten, ligt dit percentage op 42 procent. Dit blijkt uit onderzoek van Maurice de Hond (Peil.nl) in opdracht van RAI Vereniging.

auto's in stad

Volgens RAI Vereniging voorzitter Steven van Eijck heeft een volgend kabinet een belangrijke taak om de reiziger dit alternatief wel te bieden door de overstap tussen vervoersmiddelen aantrekkelijker te maken met investeringen in slimme technologieën, infra en (fiscale) prikkels.

‘De reiziger moet centraal staan in ons mobiliteitsbeleid en de mogelijkheid hebben om verschillende vervoersmiddelen zoals een auto cq motor met het OV en de fiets of scooter slim te combineren voor een optimale en comfortabele reis,’ aldus Steven van Eijck. ‘Bijna de helft van alle reizigers heeft echter geen alternatief en bij automobilisten is dit meer dan de helft. Dit is belangrijke input voor de vier politieke partijen die nu keuzes moeten maken hoe onze mobiliteitsproblemen worden aangepakt.’

Volgens van Eijck heeft de reiziger baat bij investeringen in slimme mobiliteit om de infrastructuur beter te benutten en vervoersmiddelen te combineren. ‘Zelfrijdende auto’s, voertuigen die met de wegkant en met elkaar communiceren, actuele reisinformatie altijd en overal bij de hand etc. Dat gaat ons mobiliteitssysteem bepalen, waarbij Nederland samen met Nederlandse ondernemers in Europa gidsland kan zijn. Een volgend kabinet moet fabrikanten en toeleveranciers van deze technieken daarom de ruimte bieden om deze innovaties in Nederland te ontwikkelen en verder uit te rollen.’

Experimenteren anders betalen voor mobiliteit
Volgens RAI Vereniging bieden investeringen in slimme mobiliteit ook kansen voor experimenten met betalen voor gebruik. De keuze voor een vorm van anders betalen wordt immers mede bepaald door de technologische mogelijkheden. Een komend kabinet moet daarom ook beginnen met experimenten, waarin verschillende concepten van anders betalen met elkaar worden vergeleken.

'Zo bouw je maatschappelijk en politiek draagvlak', volgens Van Eijck. 'En dat is essentieel, want uit het onderzoek blijkt dat de reizigers net als de 4 coalitieonderhandelaars op dit onderwerp nog verdeeld zijn.'De twee grootste groepen reizigers geven de voorkeur aan een vlakke kilometerheffing of heffing naar tijd en plaats, 25 en 24 procent. 27 Procent weet het nog niet, of heeft nog geen voorkeur.' Volgens Van Eijck ontkomen we er niet aan om nu de eerste stappen naar anders betalen te zetten. Anders betalen stimuleert de reiziger om op basis van zijn verwachte reiskosten en reistijd een weloverwogen keuze te maken tussen vervoersmodaliteiten die samen de beste combinatie bieden. Zo krijgt de reiziger ineens wél een keuze en is sprake van een ‘modal optimum’.

Mobiliteitsakkoord
‘Om invulling te geven aan bovenstaande ambitie moet er een mobiliteitsakkoord met een volgend kabinet komen’, aldus Van Eijck. Tijdens het recente Nationale Mobiliteitsdebat van de Mobiliteitsalliantie bevestigden alle aanwezige politieke partijen (VVD, CDA, D66, PvdA, SP en GL) deze noodzaak. Daarbij moet ook goed worden gekeken naar een investeringsagenda om noodzakelijke knelpunten aan te pakken. Zonder voldoende infrastructuur, heeft beter benutten of anders betalen onvoldoende effect. ‘Dé aangewezen partij voor dat akkoord is de Mobiliteitsalliantie, waarvan RAI Vereniging een van de initiatiefnemers is.’