Staatssecretaris Snel houdt voet bij stuk in Eerste Kamer

3 december 2019

Vorige week kwam de Eerste Kamer met haar eerste reactie op het Belastingplan 2020. De senatoren gingen onder meer in op een aantal autogerelateerde onderwerpen, zoals de fiscale regels voor emissievrije voertuigen en PHEV’s.

Eerste Kamer

In het onderdeel Wet fiscale maatregelen Klimaatakkoord kwamen daarnaast de verhoging van de dieselaccijns en het Klimaatakkoord aan de orde. In het onderdeel Overige fiscale maatregelen 2020 kwam de fors gestegen bpm als gevolg van invoering van de emissietest WLTP kort aan bod. Dezelfde dag nog waren de antwoorden van staatssecretaris Snel er al. En die waren wederom weinig verrassend en opnieuw teleurstellend.

De ChristenUnie wilde bijvoorbeeld weten hoe het zit met de verlaging van de fiscale incentive voor emissieloze auto’s tot nul per 1 januari 2026, terwijl in het buitenland de fiscale voordelen juist worden opgeschroefd. Snel legt uit dat Nederland de stimulering in lijn wil brengen met de verwachte marktontwikkeling van emissievrije auto’s en jaarlijks gaat toetsen of die nog wel binnen de marges blijft. Met andere woorden: bij ‘te veel’ verkochte auto’s gaat de hand aan de subsidiekraan.

Helaas vroeg de CU niet naar de werkbaarheid daarvan voor de sector en de consument, want er is natuurlijk wel voldoende tijd nodig om te kunnen handelen na een wijziging. De staatssecretaris stelde de Kamerleden ‘gerust’ met een opmerking dat in bredere zin ‘niet alleen het fiscale plaatje een rol speelt, maar ook de (gepercipieerde) kosten van een elektrische auto en de mogelijkheid van (snel)laden van de accu’. Wat hij daaraan gaat doen blijft echter onduidelijk. Ervaring leert in ieder geval dat fiscale prikkels zeer effectief zijn.

Over de autobelastingen en verhoging van dieselaccijns was er weinig nieuws onder de zon; Snel herhaalde wat hij hierover eerder al zei. De VVD had nog wel gevraagd naar de mogelijkheid om op gedifferentieerde wijze de meest vervuilende diesels zwaarder te belasten of deze op een andere wijze versneld van straat te krijgen. Volgens de staatssecretaris is dit in ieder geval tot 2021- niet mogelijk en zijn er al diverse maatregelen genomen die mensen stimuleren om voor een schonere (tweedehands) auto te kiezen. Bovendien kunnen gemeenten een milieuzone instellen die de meest vervuilende auto’s tegenhoudt en zijn daarvoor net uniforme regels gemaakt.

De hoge Nederlandse bpm, de btw en de relatie tot parallelimport die door de PVV werd aangeroerd baart de staatssecretaris blijkbaar niet veel zorgen (meer), want hij verwijst eigenlijk vooral naar het nieuwe toezichtsmodel dat hij instelt, dat dit probleem moet oplossen.

Op kritische vragen van dezelfde fractie op de almaar stijgende bpm-inkomsten en de WLTP komt de staatssecretaris wederom met de verklaring veranderende consumentenvoorkeuren, economische groei en toenemende autoverkopen.  ‘Op basis van onderzoek door TNO wordt per 1 juli 2020 de bpm-tabel budgettair neutraal omgezet naar CO2-uitstoot op basis van de WLTP-testmethode’. Dan volgt een dermate technisch betoog over «declared values» die (substantieel) hoger zouden zijn dan de daadwerkelijke testresultaten en «inflated WLTP-values» dat Eerste Kamerleden, die zich pas recentelijk hebben verdiept in dit onderwerp, vermoedelijk al snel afhaken.


Contactpersoon
Miranda Maasman
Miranda Maasman
Public Affairs adviseur
+31 20 504 4949