Reactie RAI Vereniging op internetconsultatie ‘Verzamelbesluit implementatie kaderrichtlijn afvalstoffen’

5 september 2019

RAI Vereniging vraagt zich in haar reactie op deze voorgenomen nieuwe wetgeving onder meer af of zowel de Europese als de Nederlandse overheid het zorgvuldigheidsbeginsel wel voldoende hebben toegepast. Ook vragen wij ons af of de overheid haar zorgplicht naar het Nederlandse bedrijfsleven voldoende in de besluitvorming heeft meegenomen. Er dreigt immers een draak van een administratieve verplichting te ontstaan.

Chemische stoffen

Het concept van het ‘Verzamelbesluit implementatie kaderrichtlijn afvalstoffen’ is op 24 juli, dus middenin de zomervakantie, door het Ministerie van IenW gepubliceerd. Belanghebbenden konden hierop tot 4 september 2019 reageren. RAI Vereniging is één van de negen partijen die een openbare reactie indienden.

Het Verzamelbesluit beoogt een aantal verplichtingen uit de gewijzigde Europese Afvalkaderrichtlijn in de Nederlandse wetgeving te implementeren. Zo wordt voor bepaalde bedrijven de registratie- en meldplicht uitgebreid en komt er een meldplicht voor een nieuwe EU-database over zeer zorgwekkende stoffen in producten. Over deze nieuwe Europese database informeerde wij onze leden al eerder.

Zorgvuldigheid

RAI Vereniging vraagt zich af of zowel de Europese als de Nederlandse overheid het zorgvuldigheidsbeginsel voor deze nieuwe wettelijk eis voldoende heeft toegepast en of zij haar zorgplicht richting het Nederlandse bedrijfsleven voldoende in haar besluitvorming heeft meegenomen.

Lasten voor bedrijfsleven

Deze wetgeving moet immers wel uitvoerbaar zijn en een aantoonbare toegevoegde waarde hebben. RAI Vereniging heeft echter begrepen dat er voor deze nieuwe Europese eis zowel geen impactassessment als geen kostenbatenanalyse is uitgevoerd. Bovendien hebben wij de wetgever meegeven dat voor complexe producten, zoals moderne wegvoertuigen, het aantal componenten per voertuig veelal zeer omvangrijk is en deze nieuwe Europese eis daarmee automatisch leidt tot een aanzienlijke verhoging van de administratieve lasten voor het bedrijfsleven, zonder dat zorgvuldig is afgewogen en onderzocht of de maatregel voldoende baten voor onder andere het milieu en de recyclingindustrie gaat opleveren.

Praktijkvoorbeeld

Als de overheid niet beter gaat nadenken over dit wetsvoorstel kan het er bijvoorbeeld toe leiden dat ieder onderdeel, waarin eventueel een sub-component zit met één of meer van de 200 zeer zorgwekkende stoffen (SVHC-stoffen) in een concentratie van meer dan 0,1 gewichtsprocent (g/g), gemeld moet worden aan de nieuwe Europese database bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA). En in het meest extreme scenario zou zelfs iedere reparatie met een dergelijk onderdeel op VIN-niveau gemeld moeten gaan worden bij ECHA, op het moment dat zo’n onderdeel met een SVHC-stof in een voertuig gemonteerd wordt. Als de wetgever hiermee geen rekening mee gaat houden en de tekst van het verzamelbesluit niet anders wordt geformuleerd, dan ontstaat voor het Nederlandse bedrijfsleven, en met name voor onze voertuigbranche, een nieuwe – ongewenste! – draak van een administratieve verplichting.

Download

In de download hieronder kunt u onze volledige reactie met onderbouwing nalezen. Wij willen graag dat de Nederlandse overheid tot inkeer komt en bij de Europese wetgever gaat aandringen op het alsnog uitvoeren van een impact-assessment met bijbehorende kosten-batenanalyse. Wij hopen hiermee te voorkomen dat de administratieve lasten en bijbehorende kosten voor onze leden onnodig verhoogd worden door deze nieuwe Europese database bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA). Uit de door FME ingediende reactie (eveneens als download hieronder) blijkt ook duidelijk dat beide brancheorganisaties met een gelijkluidende visie in deze wedstrijd zitten.


Contactpersoon
Eugène Moerkerk
Eugène Moerkerk
Beleidsadviseur
+31 20 504 4972