Europees compromis over CO2-doelstellingen voor 2030

12-10-2018

Afgelopen woensdag bereikten de milieuministers van de 28 EU-lidstaten overeenstemming over CO2-doelstellingen per 2030, een reductie van 35% voor personenauto’s en 30% voor bestelwagens. Overigens is dit nog maar een tussenstap in de gelaagde EU-besluitvorming.

Dat is meer dan de 30% procent reductie, ten opzichte van 2021, die de Europese Commissie voorstelde, maar minder dan de 40% waarmee het Europees Parlement een week eerder instemde. Zie hier het volledige besluit van de Milieuraad.

Eigenlijk is de kogel hiermee nog maar deels door de kerk, want nu moeten de Commissie, het Parlement en de Raad (van lidstaten) het de komende maanden nog gezamenlijk eens worden over de definitieve normstellingen. Wat nog taaie onderhandelingen met het Europees Parlement kan opleveren.

Teleurstelling lidstaten

In feite is niemand helemaal blij met dit compromis. De lidstaten waren zeer verdeeld. Duitsland en zes Centraal-Europese landen wilden geen verdere reductie dan het voorstel van de Europese Commissie. Nederland was, met Ierland, Zweden, Denemarken, Luxemburg en Slovenië, juist voorstander van minstens 40%. “Wij hadden écht hogere ambities”, reageerde staatssecretaris Stientje van Veldhoven (IenW) in het Financieele Dagblad.

De landen stelden een verklaring op waarin ze hun teleurstelling uiten over het gebrek aan ambitieniveau in Europa. De groep stelde dat de EU blijkbaar terughoudend is om actie te ondernemen bij het realiseren van haar klimaatbeloftes en het creëren van een markt voor elektrische auto's. Terwijl volgens hen de aanscherping van de doelstellingen onmisbaar is om de klimaatdoelen van Parijs te kunnen halen.

ACEA blijft zeer bezorgd

“Hoewel deze doelstellingen minder agressief zijn dan de voorgaande, dragen deze nog steeds het risico in zich van negatieve effecten voor de concurrentiekracht van onze industrie, voor de werkgelegenheid en voor consumenten”, reageerde Erik Jonnaert, secretaris-generaal van ACEA. “Ik hoop op een gebalanceerde uitkomst die het milieu, de Europese maakindustrie én betaalbare en comfortabele mobiliteit voor alle burgers waarborgt.”